Minder vliegen maar niet duurder vliegen

Tijdens een verjaardagsborrel kregen we het over de uitbreiding van het vliegveld in Lelystad, en dat die vliegtuigen die daar vertrekken heel laag over Gelderland gaan vliegen. Lager dan in de Randstad bij Schiphol. Wat ik daar van vind.

Tja, ze moeten ergens over heen, dus zolang wij met zijn allen zoveel willen vliegen, moet je ook de consequenties aanvaarden. Ik ga niet mee met mensen die vinden dat het veel beter over Friesland kan, want….en dan volgt er een Nimby kulargument.

Minder vliegen is de enige echte oplossing. Met zijn allen minder vliegen.

Maar hoe? Het eenvoudigst lijkt het om de vliegtickets gewoon veel duurder te maken. Dat idee is natuurlijk niet nieuw, en klinkt zo logisch. Dure vliegtickets = minder vliegen. Probleem opgelost.

Maar wie gaan er dan minder vliegen? Tja, dat zijn dan nou net de mensen die voorheen niet konden vliegen, die nu de tickets zo goedkoop zijn eindelijk ook mee kunnen doen. Die nu ook de wereld kunnen bekijken, een verre reis kunnen maken en wat van de wereld kunnen zien.

En bedrijven, zakenmensen, politici, rijke mensen, proftennissers en wie niet al met geld blijven de aarde rond gaan, en rond en rond. Voor hen zal een duurder ticket niet veel uitmaken. Bij hen zit hem het probleem. Niet bij die ene vliegvakantie van familie Jansen.

En daarmee is de redenering hetzelfde als bij autogebruik, energiegebruik en nog veel meer fijne dingen die de aarde niet kan dragen als we het alle 8 miljard gaan doen. Wij vervuilen hier de aarde teveel, dus mogen derdewereldlanden dat niet ook gaan doen. Hier rijden we veel te veel auto, en nu de Chinezen dat ook gaan doen, krijgen we een probleem. De bevoorrechten der aarde vliegen teveel, en het is niet de bedoeling dat de rest dat ook gaat doen.

Dit is dus weer typisch zo’n PvdA dilemma. Hoe verminder je vliegen zonder de simpele oplossing “duurder maken” waarmee je de verkeerde groep zou treffen. Een vliegquotum instellen? Iedereen mag twee keer per jaar vliegen (heen en terug), en wie zijn quotum niet gebruikt, kan hem verhandelen. Haha, ter plekke verzonnen.

Denk eens mee, heb je een andere oplossing?

Advertenties

kleren zelf naaien

Een paar jaar heb ik het helemaal niet gedaan (behalve ondergoed en pyamas en zo) maar ineens kreeg ik er weer zin in: mijn eigen kleren naaien. Wow, het leven en bijbehorende hobby’s gaat echt op en neer. Benieuwd hoe lang deze manie dit keer duurt. Want gelukkig hoeft het niet, het mag, ik doe het vrijwillig, helemaal zelf en voor mezelf. Dat geeft rust.

Waarschijnlijk stopt de manie als ik weer eens een mouw verkeerd om in het armsgat naai, hem er dan weer uit torn, waarbij de stof scheurt, ik dat dichtpruts, hem er weer in naai, en dan bij het passen zie dat ik hem er nogmaals verkeerd om in heb genaaid.

Voor niet-naaiers: de mouw er verkeerd om in zetten overkomt iedere naaister wel eens. Links is namelijk rechts. Zelfs een chirurg zet wel eens het verkeerde been af, toch? Ik schaam me nergens voor, maar ben dan ook geen chirurg.

Dat jullie overigens niet mijn stukje bij het ontbijt konden lezen, kwam doordat ik internet afstruinde op zoek naar het grote nieuws dat de dividendbelasting toch niet wordt afgeschaft. Mijn partij de PvdA doet het een stuk beter nu we in de oppositie zitten.

O ja, ik ben weer begonnen met kleren naaien. En wel om een paar redenen. Het is leuk, bevredigend als het lukt. Kleren in de winkel (die een beetje voldoen aan mijn principes van duurzaamheid) zijn hartstikke duur en de modellen zijn vaak supersimpel. Dat kan ik beter en goedkoper zelf. Ik zag een paar weken geleden een eenvoudig jurkje, twee lapjes op elkaar, geen coupenaden, uurtje naaien, voor 299 euro. Ik zie het er niet aan af, en gekochte kleren passen mij eigenlijk nooit. Jurken zijn te kort, mouwen te lang, tailles te strak, schouders te wijd: de verhoudingen van mijn lijf zijn gewoon niet standaard.

Mijn klerenkast veroudert intussen door. Ik koop niets, ik maak niets. Tweedehandskleren zijn niet echt mijn ding, ik denk dan altijd dat iemand in de stad me aanspreekt ‘goh wat leuk dat je die blouse uit mijn moeders erfenis hebt gekocht. ik zelf vond hem zo ouderwets.’  Tweedehandskleren vind ik lastig me eigen te maken.

Dus ik wil nieuwe kleren. Fris, vrolijk, in mijn kleuren: donkerrood, blauw, groen, grijs, paars.  In mijn maat. Avonden en avonden lag ik in bed patronen te bekijken. Ik kreeg er steeds meer zin in, de hobby werd warm, ging borrelen, en toen op een dag spoot de geysir.

Via internet bestel ik de eerste twee patronen bij de Burda. 6 euro per patroon en dat moet je dan zelf uitprinten. Dat lijkt niet bij mijn goedkope leven te passen, want het is veel goedkoper om voor 30 cent een Burda te lenen bij de bieb en dan zelf een patroon uit te raderen. Klopt, klopt, ik ook met mijn principes. Ik vind dat dunne patroonpapier vervelend.

Ik heb besloten om een stuk of tien basispatronen bij de Burda te bestellen, dat is dus 60 euro, en die vaker te maken. Die patronen pas ik helemaal aan op mijn lichaam, en dat is een behoorlijke klus. Vanaf het binnenkomen van het pdf patroon (een seconde na de betaling) tot aan een patroon dat ik op stof kan leggen, ben ik echt een hele werkdag verder! Een hele werkdag, waarbij ik op de grond zit op een kniekussen uit de moestuin, en teken, knip, plak, reken. De kleuterschool blijft de meest nuttige van al mijn opleidingen. Aan het eind van die dag heb ik een stapel patroondelen die van stof geknipt kunnen worden. Van een kledingstuk dan he, dat dus tien keer.

Het naaien is een tweede werkdag, maar smeer ik uit over meerdere dagen. En wel omdat ik anders te ongeduldig word en ga afraffelen. Zodra ik die neiging bespeur bij mezelf, verplicht ik mezelf te stoppen en iets anders te gaan doen. Want zelfgemaakte kleren moeten perfect genaaid zijn. Niemand vraagt hoelang je erover hebt gedaan, wel ziet men of het goed genaaid is. Niet afraffelen dus, houd je in.

Stof sprokkel ik ergens vandaan. Ik heb van een fleecedeken een trui gemaakt, van een andere plaid een vest en zo kijk ik in de krochten van dit huis of er nog wat te verknippen valt. Fournituren heb ik genoeg, alleen nooit precies wat het patroon vraagt. Bij het nogmaals maken van het patroon, ga ik voor perfect: mooie stof, zuiver wol, linnen, biologische katoen en dergelijke. Die stoffen zijn te vinden bij de kringloop: een katoen fifties XXXLrok is ruim genoeg voor een jurk voor mij. Zo koop ik dus toch tweedehandskleren, en peuter ze helemaal uit elkaar.

En ik heb etiketten gekocht die ik in de naad meenaai, met ‘sprokkelen’ erop. Dat staat leuk en echt, daar ben ik echt trots op.

Tot nu toe gaat het goed. Nog geen mouwen er verkeerdomin, een van de twee broekspijpen binnenstebuiten is ook een bekende maar is ook nog niet gebeurd. Ik heb een blouse, broek, trui, tuniek en fleecevest genaaid. Het zit allemaal perfect. Zeker een blouse en fleecevest hoef ik eigenlijk nooit meer te kopen.

O ja, tot slot van dit absoluut oninteressante geklets: ik neem mijn hele klerenkast onder handen. Ik heb met name nogal wat te korte Esprit jurkjes, dat ligt aan mijn lijf en niet aan Esprit. Ik ben wat ‘uitgerekt’ zeg maar, dus een jurk of blouse die in de breedte past, is geheid te kort. Ik werk alles bij op mijn lichaam, en wat niet lukt, gaat weg.

Nou, hier ben ik de hele komende koude periode wel zoet mee.

Naai jij je eigen kleren? Nu je mijn verhaal leest, wordt je daar dan enthousiast van? Of is kleren naaien echt Helemaal Niets voor jou. Dat kan natuurlijk, zo fijn dat er winkels zijn. Dat was in de tijd van Laura Ingalls Wilder wel anders.

 

 

 

Jezelf oppeppen om iets te gaan doen

Voor wie de link gemist heeft die Jantine heeft gestuurd heeft, (dank je wel!), hier nogmaals:

https://www.topics.nl/-bramen-koop-je-niet-die-pluk-je-a9045066degelderlander/?context=playlist/a-wageningen-nederland-bf1fe8/

Ik laat hem maar een dagje hier staan (hij staat inmiddels bij het stukje van gisteren), want ik wil het ergens anders over hebben: over thuis werken. Iemand vertelt me iets wat me doet tintelen: over een huis dat verzadigd is met jezelf.

Een huis moet zijn als een fijne trui, zeg ik altijd. Je moet erin wegkruipen,  het moet als een wollen trui om je heen zitten. Heerlijk vind ik het om te liggen op de bank met kop thee, boek, poes plaid.

Energie krijg ik elders, op reis, in de natuur, in de stad, bij anderen. Ik kan dan overlopen van plannen, bruisend en vol energie.

En dan kom ik thuis, en wentel ik me in mijn huis. Thee, plaid, bank, boek, poes en de energie is weg. (Behoorlijk overdreven hoor want ik ben altijd bezig, maar het blijft lastig om telkens weer mezelf op te peppen om aan de slag te gaan.)

Daar ging dit gesprek dus over. Dat je huis verzadigd is van jezelf en dat je daardoor thuis geen energie meer krijgt.

Daar ben ik al dagen over aan het nadenken. Want er zit zeker iets in. Ik vind het heerlijk om thuis te zijn, maar mezelf aan de slag houden is wel een ding. En misschien is het begrip verzadiging wel een sleutel. Ik schrijf altijd in mijn zitkamer, ik vind het raar om in mijn eigen huis boven in een werkkamer te zitten. Maar die zitkamer geeft wel warmte en gezelligheid, geen energie. Misschien moet ik meer gaan werken met een laptop in een café, eigenlijk is dat heel bevredigend. En dan thuis voor mijn hobby’s houden. Of toch een werkkamer inrichten elders in huis. Maar hoe doet een minihuisbewoner dat dan? Een eenkamerbewoner?

Het gaat overigens niet alleen over computerwerk, maar ook over huishouden en klusjes. In een weekend bij Moeder repareer ik een lekkende kraan, hang een schilderijtje opnieuw op, haal de kelder leeg, zoek de klerenkast uit. Thuis blijven die klusjes tijden liggen.

Denk eens met me mee: heb je er ook last van dat je ineenzijgt zodra je thuis komt? En wat kun je daar aan doen?

 

Interview

Gisteren stond ik in De Gelderlander, wow, misschien wel voor het eerst. Voor lezers uit Gelderland met een abonnement: pagina 5, in de rubriek ‘Mijn geld en ik”. Ik vind het een leuk stuk en knap dat de auteur mij herkenbaar heeft neergezet na een kort interview per telefoon. De foto vind ik minder, maar tja, dat ligt niet aan de foto.

Het artikel gaat over mijn kijk op geldzaken. Over sprokkelen. Over het verschil tussen geld uitgeven en investeren. Over geld uitgeven aan ervaringen, niet aan spullen.

Hier kan ik natuurlijk geweldige publiciteit uithalen, maar dat doe ik dus helemaal niet. Ik zou erover moeten twitteren: ‘lees interview met mij over geldzaken in De Gelderlander.’ Ik kan alleen het artikel niet online vinden, en zonder link is dit een waardeloze tweet.

Ik kan een screenshot maken en die op facebook zetten. Kijk eens, lezen hoor! Nou dat heb ik ook niet gedaan.

Ik kan vast nog veel meer, maar verder dan een krant kopen en die Zoon3 laten lezen en later aan mijn Moeder geven, kom ik niet.

Flutpoliticus ben ik toch.

Ha, ik kreeg van een lezer de link naar het artikel digitaal! Wow, bedankt.

https://www.topics.nl/-bramen-koop-je-niet-die-pluk-je-a9045066degelderlander/?context=playlist/a-wageningen-nederland-bf1fe8/

Het Gear Acquisition Syndrome

Ik las een artikel over het Gear Acquisition Syndrome met een hele rij tips hoe ervan af te komen. Ik vond het zo’n onzinartikel, dat ik je een beter niet wil onthouden.

Het Gear Acquisition Syndrome volgens dat artikel

Volgens het artikel komt het Gear Acquisition Syndrome vooral voor bij hobbyfotografen en hobbygitaristen. Die blijven nieuwe camera’s en nieuwe gitaren kopen die ze niet nodig hebben. Helemaal verliefd, er niet vanaf kunnen blijven, blijven kopen. De negatieve gevolgen zijn duidelijk: geldgebrek en ruzie met je vriendin (ja uitsluitend mannen lijden aan GAS). En dan volgen een rij tips in de trant van ‘Stel een budget in en houd je eraan’, en ‘leen een nieuwe camera eerst een tijdje van een vriend, je zult zien dat de meerwaarde tegenvalt’.

Nou zit deze schrijver wel heel erg in zijn eigen bubbel: gitaren en camera’s zijn blijkbaar zijn gevoelige plek.

Het Gear Acquisition Syndrome volgens mij

GAS gaat over een hobby waarbij het verzamelen van mooie spullen belangrijker is dan de hobby zelf. Duur visgerei kopen terwijl je nooit vist. Bij mij is dat:

  • schrijfwaren in de stijl van de Hema. Ik loop altijd weer verlekkerd door die afdeling, mezelf inhoudend want ik heb Echt Niets Nodig en al helemaal geen schrijfwaren. Maar o wat zijn ze mooi.
  • breiwolletjes: ik lees nogal wat blogs en iedereen die breit schrijft hetzelfde: ze had weer zulke mooie bolletjes wol gezien en kon het niet laten. Maar thuis heeft ze nog een hele kast vol liggen. Dit is GAS ten top!
  • kampeerspullen (en wandelspullen, outdoor zeg maar): ja, daar betrap ik me ook op. Zoals anderen door klerenwinkels kunnen drentelen, geniet ik van de Bever. In Zuid-Afrika kon ik helemaal uit mijn dak gaan van de prachtige outdoorspullen. Hier in Nederland gaat het vaak om slimme, lichtgewicht handigheidjes zoals een opvouwbare mok; in Afrika om robuuste spullen die onderweg zeker niet stuk gaan. Rugzakken, tentjes, wandelbroeken: ik ben er gek op en moet zo’n winkel niet te vaak in gaan.
  • klusspullen: daar heb ik ook een zwak voor. Mooi gereedschap vind ik heerlijk en drentelen door de Gamma een uitje.

Nou ja, je snapt hem. Heb jij je GAS zwakte al gevonden? Een hobby dus waarvoor je wel spullen koopt terwijl je de hobby zelf eigenlijk niet zo heel intensief beoefent. Een vogelaar met tien verrekijkers, terwijl je dit jaar maar twee keer bent gaan vogelen. Barbecues met alles erop en eraan die je maar een keer hebt gebruikt dit jaar. Keukenspullen en kookboeken terwijl je het liefst makkelijk voorgesneden groente door macaroni mengt met wat geraspte kaas erover.

Dan over hoe dit in de hand te houden. De schrijver had dus blijkbaar financiële moeilijkheden en ruzie met zijn vriendin. Ik heb geen van beide, maar als ik niet oppas loopt mijn huis vol met mooie lapjes, wolletjes en handige schriftjes en rugzakken. Hier dan mijn tips:

  • Zie onder ogen dat het GAS is. Dat scheelt enorm als het kwijl weer uit mijn mond loopt bij het zien van een mooie rugzak.
  • richt je met je GAS op iets dat op gaat. Dus inderdaad breiwolletjes, olie, en maak er zo nu en dan iets mee. GAS met dingen die een mensenleven meegaan is de kortste weg naar een huis vol ongebruikte spullen.
  • verzamel je GASspullen tweedehands. De vondst is dan een kik op zich.
  • gebruik het. Ik ben zelf dus gek op mooie kampeerspullen, pure GAS. Mijn blikopener komt niet van de Blokker maar van de Bever. Zo leuk om die telkens weer te pakken en te gebruiken. Eigenlijk komt heel veel uit mijn keuken uit de kampeerwinkel.
  • wissel regelmatig van GAS-hobby. Dat kan best. Ik ben gevoelig voor mooie handige spullen, of dat nou kampeerspullen, hobbyspullen, klusgereedschap of schrijfwaren zijn. Op al deze terreinen heb ik mooi materiaal waar ik graag mee werk. Dat is puur genieten!

Wat is jouw zwakke plek en heb je ooit eerder beseft dat dit GAS is? Hoe houd je jezelf in de hand? En bestaat hiervoor een Nederlandse term?

Balpen in de was

Bah, bah, bah.

Zoon2 kwam thuis met een vuilniszak vol vieze was, of hij even mocht wassen. Ja natuurlijk ga je gang, maar dan wel zelf doen he.

Er  zat een balpen in een broekzak. In zijn schone was, allemaal donkere kleren, heb ik niets gemerkt. Maar toen ik daarna zelf wou wassen, zag ik onderdelen van een balpen in de trommel liggen. Die ik er uiteraard uit heb gehaald.

Maar blijkbaar had ik het belangrijkste onderdeel, het inktpatroon, niet gezien. Zat verstopt in een gaatje in de trommel, ik weet het niet, ik zie het nu nog niet zitten en hoor ook geen gerammel.

Maar het moet zich ergens in de wasmachine verstopt hebben, want een hele witte was met lakens, dekbedovertrek, kussenslopen en handdoeken is verknald. De komende jaren heb ik lakengoed met blauwe vlekken.

Kan dat er niet meer uit, vraagt Zoon3? Ik vrees van niet, inkt is goede verf.

Dus bah. En zo hobbelen we verder.

Moeder in een kampeerbusje

Op mijn lijstje onderwerpen voor dit daagse stukje stond ook nog de kampeervakantie met Moeder van 88. Heeft in zoverre met sprokkelen te maken dat het een goedkope manier van vakantie vieren is zonder vliegreis. Tja, wel diesel natuurlijk.

Moeder wordt oud maar blijft jong in haar hoofd. Die zet ik niet op een boot over de Rijn en evenmin een week in een gezellig hotel in Drenthe. Moeder wil dingen zien, dingen doen. Maar dat schiet allemaal niet zo op natuurlijk, het kan allemaal niet meer zo ver en zo veel.

Een van de vervelende dingen die zij ondervindt nu ze echt oud wordt, is dat steeds meer leuke dingen wegvallen uit haar leven. Ze is gestopt met roeien, omdat ze de boot niet meer in en uit kan komen. Ze is gestopt met de leesclub omdat ze de letters niet meer ontspannen kan zien. Ze is gestopt met een koor omdat de stem het niet meer zo overtuigend doet. De contactgroep voor jonge vrouwen, die ze 50 jaar geleden in het dorp heeft opgericht, loopt leeg want die jonge vrouwen zijn nu allen ver boven de 80 of overleden. De tuinclub die ze heeft opgericht heeft zichzelf opgeheven omdat de een na de ander wegviel en de sfeer dus ook. Het wandelgroepje, waarin zij verreweg de oudste is, wandelt steeds vaker zonder haar

Er vallen dingen weg uit haar leven, en er komt niets nieuws meer bij. En toen reden we op een dag in haar auto op de snelweg en zagen we zo’n vintage oranje volkswagenbusje rijden, en zei ze dat haar dat zo leuk leek. En daarom heb ik zo’n busje gehuurd. Moeder is geen kampeerster en de laatste keer dat ze in mijn tent sliep trok ze zich op aan een tentstok en lag ze tussen een wirwar aan tentdoek op de grond. Terwijl ik aan het douchen was.

Dit busje werkte wel. Ik reed, en deed eigenlijk alles, Moeder zat er gezellig bij.

Wij met zijn tweeën naar Friesland in tijdens misschien wel de slechtste regenweek van september. Maar we hebben genoten. Om het busje, het idee van vrijheid en blijheid. Ik had niets geregeld, de campings waren toch niet vol. En dat pakte goed uit. We deden maar wat, dronken eindeloos koffie die naadloos overging in broodjes kaas en zorgden ervoor dat we voor het donker een slaapplek hadden.

Na afloop kreeg ze bezoek van een vriendin en die belde me daarna op om te vertellen dat Moeder uitgebreid en enthousiast had verteld over de vakantie, helemaal geweldig. Dit ga ik dus volhouden zolang het kan.