En we gaan dus morgen pas

Nou dat ging dus bijna helemaal mis, dat weekendje wandelen langs de Vecht met Vriendin. Ik had een overnachting geregeld in Ommen via Vriendenopdefiets, en we spraken af de trein te nemen die rond half tien uit Arnhem vertrekt en tien minuten later zou ik dan opstappen in Ede. We moesten via Utrecht, want er rijdt dit weekend geen trein tussen Dieren en Zutphen, dus dit zou het snelste zijn. We zouden weinig meenemen, maar wel lunch en wat te drinken. We spraken van alles af en hadden er zin in. We appten heel wat heen en weer, beiden tussen de bezigheden op ons werk door – baliewerk bij verschillende bedrijven, dus tussendoor steeds minuutjes niets, dus maak je geen zorgen.

Totdat ik appte dat we de maandag ook wel zouden kunnen lopen, twee nachten weg dus, want we hebben beiden maandag vrij. Vriendin appte terug dat we dan van Ommen naar Dalfsen zouden lopen.

He?

Vriendin dacht dat we zondag en maandag zouden gaan, ik dacht zaterdag en zondag.  Gierend appten we verder. Hadden we wel de plaats,  trein en tijd goed afgesproken, maar niet de dag. Daarvoor moet je bij ons zijn. Dat maakt ook dat anderen het zo lastig vinden met ons, wij liggen dubbel van het lachen en een derde denkt dat we gestoord zijn of zo. Die ziet een probleem, wij zien alleen een goede grap. We zagen ons al achter elkaar aan lopen, of eigenlijk wilde ik van west naar oost, en Vriendin van oost naar west dus dan waren we elkaar ergens onderweg tegengekomen. Vast op een terrasje, helemaal bij toeval.

Zulke tegenslagen of problemen kan ik dus hartstikke goed handelen, dan erger ik me geen moment. Dan regel ik gewoon weer iets en dan is het in orde. Pas nu, al typend, denk ik dat er dan vast mensen zijn die hierover vreselijk ruzie zouden krijgen. Ja maar jij zei, nee want jij zei, ja maar jij wilt altijd, etcetera totdat de sfeer helemaal stuk is. Wij niet, wij lachen alleen maar.

Goed, ik heb de overnachting verzet en verder is er niets te regelen.  We gaan morgen, zondag dus.

Kan ik mooi mijn huis poetsen, want volgende week komt er weer een gast!

Twee dagen wandelen langs de Vecht (1)

Morgen weekend, ik kijk ernaar uit. Vriendin en ik gaan wandelen langs de Vecht, van Marienberg via Ommen naar Dalfsen. Ja Randstedelingen, daar ligt ook een Vecht. Die is 167 km lang, daar kan die van jullie niet tegenop. Hij was vroeger nog veel langer, maar de meeste kronkels zijn eruit gehaald ten behoeve van de scheepvaart. Inmiddels zijn de tijden veranderd en worden nu de kronkels een voor een teruggebracht, niet allemaal uiteraard, hier en daar eentje waar hij geen last oplevert voor de Mens, want die is de baas.

ommenHier een kaart uit 1908 van de eerste dag, we lopen van rechts naar links. Wat maakten ze vroeger toch prachtige kaarten.

De Vecht stroomt door een kilometers breed dal dat is ontstaan in de voorlaatste ijstijd, maar de Vecht zelf heeft daar niets mee te maken. Hij ontspringt in Duitsland in het gebied tussen Enschede en Munster. Het is een echte regenrivier. In een droge zomer stroomt er maar een paar kuub water per seconde door, maar in de winter is dat vaak honderden kuubs . Uiterwaarden stromen dan vol, en daar zijn ze natuurlijk ook voor bedoeld.

Het Vechtdal is oud bewoond gebied met landbouw op essen, heidevelden, markes. Een paar wat grotere plaatsen zoals Ommen en Dalfsen, maar verder kleine dorpen.

Aan de zuidkant wordt het Vechtdal afgesloten door hogere gronden, relicten van stuwwallen, rivierduinen. Gebieden die niet vruchtbaar genoeg waren als landbouwgebied, dus nu bos, hei en zand. Ik kijk ernaar uit om de Beerzer Bulten op en af te klimmen.

Tot na het weekend, geniet ervan!

Vaak erger ik me zo

Hoe ga je om met ergernis?

Ergeren aan je eigen ergernis

Ik ben een nogal humorloos mens blijkbaar. Ik kan ergens helemaal in op gaan, wil dat ook graag uitdragen aan anderen, ga in mijn enthousiasme nogal te ver, en merk dan niet dat anderen het moment wat minder serieus nemen. Dan irriteer ik me mateloos, stress me kapot, en erger me vooral aan mijn eigen irritatie.

Dat komt dus nogal eens voor.

Ergeren aan deelnemers die niet serieus zijn

Bijvoorbeeld tijdens een vergadering die ik voorzit, waar mensen tussendoor grapjes maken, met elkaar dollen, terwijl ik met mijn hersens in het onderwerp zit en mezelf daar niet zo uit los kan maken.

Of tijdens een repetitie die ik leid, zoals gisteravond. Waar dus precies hetzelfde gebeurt: mensen hebben een leuke avond tijdens het repeteren, dollen, ik als enige niet, ik erger me dan aan het gebrek aan serieusheid maar eigenlijk erger ik me vooral aan mezelf. En toch zit ik dan zo vast in mijn eigen hersens, daar kom ik niet zomaar even uit.

Of tijdens een goed gesprek, waar een gesprekspartner zo uit het onderwerp kan stappen om een binnengekomen appje te beantwoorden.

Herkenbaar? En zo ja, wat doe je dan?

Tip als je je ergert aan jezelf

Het is zo gemakkelijk gezegd: erger je niet, met humor kom je verder. Maar wat als je vastzit in je eigen hoofd? Hier de beste tip:

stop, neem een korte pauze, haal even thee, en kom uit je flow

 

Mijn tuin, groene oase in de stad

IMG_20170724_174530Mijn tuin is georganiseerd wild. De eik domineert de hele buurt. Een laurierkers mocht van mij uitgroeien tot een boom, links van de eik op de eerste foto. Er staat ook nog een vlier, waarvan je op de foto rechts nog net een deel van de kruin ziet, die onder de eik tot zo’n zes meter hoog is uitgegroeid. In de donkere hoek onder de eik woont Egel.

IMG_20170726_090916De tuin ligt lager dan het terras. Op de tweede foto het trapje bij de keuken. En mijn schilderspullen op de vloer in de keuken, en mijn avocadoboompje dat helaas niet meer leeft, vrees ik. Rechts zie je nog net een deel van de braam.

Het lage tuindeel heb ik volgestort met grind, waaromheen voornamelijk inheemse planten. Het voorjaar begint met een geel tapijt van speenkruid. Niet veel later komen duizenden sneeuwklokjes mijn humeur opvrolijken. Dan is er een tijdje niets tot aan de massale bloei van Robertskruid en wederik. Op dit moment is de helft van de tuin bedekt met Groot Heksenkruid. Een vrij zeldzame plant, behalve bij mij. Ik zelf heb daartussen vooral inheemse eetbare planten geplant, die wel tegen een stoot schaduw kunnen: daslook, braam, framboos, bloedzuring, aalbes, zwarte bes en bosaardbei.

IMG_20170724_174610Een paar jaar geleden heb ik de regenpijp afgekoppeld via een gootje en waterval met klinkers en grind. Het is leuk om tijdens een plensbui het water naar beneden te zien storten, maar dan moet je wel in de tuin staan. Tussen het grind in de onderste bak groeit bosaardbei.

IMG_20170724_174548Het meest gebruikte deel is het terras. Niet fraai maar wel functioneel. Op de foto de eettafel uit de eetkamer, nu even beschermd door een groot zeil. Tussen de oude betontegels vindt bosaardbei voor zichzelf plekjes. Poes zit onder het balkon en geniet. Er zit een knoop in het gordijn, want ik ben de plint eronder aan het schilderen.

IMG_20170726_101507Tenslotte de schuur, de regenton en nogmaals de braam. Bijna elke vierkante meter van de tuin staat wel ergens op een van de foto’s, alleen het hoekje van de vlier niet. Meer is het niet, maar kun je je voorstellen dat ik het heerlijk vind om een dag thuis te zijn met mooi weer?

 

Werken en slapen, en dat is het dan

Nou dat werd dus niets met dat voornemen nog wel een stukje plint te schilderen en van twee kleinere lakens een grote te maken. 

Ik was om half zeven thuis, na vijf kwartier door de regen te hebben gefietst. Huisgenoot was ook net binnen, hij was net zo nat als ik want of je nou een half uur of vijf kwartier door regen fietst maakt ook niet uit. En hij deelde mee dat Zoon helaas niets had gekookt, ook al had hij dat beloofd. Daar sta je dan als kletsnat werkend deel van de natie.

Er was nog vis in de diepvries, rijst in een pannetje en paprika in een kast en dat werd een eenvoudige maaltijd die we met zout op smaak brachten. Expres kookten we zuinig voor twee personen, zodat er geen restje voor Zoon over zou blijven.

Na het eten ben ik op de bank in slaap gevallen, en daarvan werd ik net in het donker wakker. Half twaalf alweer, tijd om naar bed te gaan.

Dat is het leven van een werkende. Slapen, fietsen, werken, fietsen, eten en weer slapen. 

Blij dat ik niet altijd fulltime werk maar daarnaast nog een leven heb. Maar nu even niet.

Schoon bed met een nat onderlaken

Vanmorgen zat ik om half zeven alweer op de fiets: de week vrij is voorbij. Die fietstocht is geen straf. Er ligt ochtendnevel over de uiterwaarden, en behalve ik is er niemand. Op een lantaarnpaal zit een buizerd. De eerste merel zingt zichzelf wakker.

Een bromfiets komt me tegemoet: het kan natuurlijk heel goed zijn dat de rijder te ver woont om te fietsen, niet kan fietsen, of een andere heel goede reden heeft om op zo’n lawaaiding te gaan zitten, maar het lijkt mij afgrijselijk. Juist die ochtendstilte is zo fijn.

Tja, nou even geen gepruts meer met telefoondraden en stukgewaaide paraplu’s en ander ontzettend nuttig afval. Ik moet nog wel verder met het schilderen van de plint in de eetkamer, want daarmee ben ik net halverwege. En ik moet mijn truitje afbreien. En ik moet van twee eenpersoonslakens een tweepersoonshoeslaken maken, want ik lag vannacht zowaar op een nat onderlaken.

En dat behoeft uitleg. Gisteren had ik mijn beddengoed gewassen, en dus had ik een ander onderlaken nodig. Ik heb alles uitgevouwen, maar kon geen enkel tweepersoonshoeslaken vinden. Ik begrijp niet hoe dat kan, en vermoed eigenlijk dat Zoon2 er eentje mee naar huis heeft genomen. Want het is niet zo dat het maanden geleden is dat ik mijn lakens waste, je gelooft me toch wel?  Of ligt er nog ergens een stapel schone was? In elk geval, het enige tweepersoonshoeslaken dat ik kon vinden zat in de wasmachine! ’s Avonds was tie natuurlijk nog niet droog, maar wel bijna, en dus heb ik die maar weer op mijn bed gelegd.

Op de grond in mijn slaapkamer ligt nu een slordige stapel half-uitgevouwen eenpersoonshoeslakens. Poes heeft er heerlijk op geslapen, gezien alle haren. En zo hobbelen we verder.

Naaiklus 3: tentzak van een paraplu

Paraplustof is handig, zelfs superhandig. Dus als ik een stukgewaaide paraplu zie liggen, of wat vaak gebeurt, uit een prullebak zie steken, neem ik hem mee. De stof haal ik van het frame af, wat de eerste keer een beetje prutsen is maar als je eenmaal weet dat de middenknop er afgedraaid kan worden en de rest met kleine touwtjes vastzit, is dat bij de tweede een fluitje zo simpel. Het frame gooi ik weg, de stof bewaar ik.

Paraplustof is waterdicht, lichtgewicht, kreukt niet en kan wel tegen een UV straaltje. Wat maak ik van paraplustof?

  • Winkeltasjes, die je ook voor een euro kunt kopen, dus dit is niet echt prioriteit.
  • Kampeerzakjes. Bijvoorbeeld voor bestek, gasbrander, en andere kleine losse dingen. In plaats van plastic zakjes dus. Dat soort zakjes kun je voor veel te veel geld ook bij de Bever kopen.
  • Kampeertoilettas.
  • Tentzak, haringzakje, tentstokkenzak, slaapmatzak, slaapzakzak. Ook die kun je kopen uiteraard, maar zelf maken is echt supersimpel, als je de oude zak uit elkaar haalt voor de maat en touwtjes en haakjes en zo hergebruikt.

Dat past niet allemaal uit een plu uiteraard, maar geloof me, als je een beetje oplet en een stadswandelingetje maakt na een leuke herfstbui met bijgeleverde storm, haal je zo drie paraplus van de straat.

Ik had nog twee stukken paraplustof liggen, en een tent zonder zak. Dat werd dus mijn naaiklus voor vandaag. Om de maat goed te krijgen, rol ik de tent uit. Die blijkt dus heel handig rond zijn eigen zakje gerold te zitten. Nou dat was een snelle naaiklus, klaar voor die begonnen is. Zucht, zou dit huishouden nog eens georganiseerd worden?

Maar goed, ik heb voor Zoon2 een boodschappenzakje gemaakt van een halve paraplu. De  tweede helft is nu slaapzakzak. Tenslotte nog een haringzakje uit de overgebleven driehoekjes en op is de plu.
.