Een collega interviewt me; hij onderzoekt hoe mensen reclame op internet ervaren. Daar heb ik nooit zo goed over nagedacht, maar hij wel, en door de vragen van hem krijg ik het wat helderder.

Ik snap best dat er reclame staat op websites. Er staan ook advertenties in het programmaboekje dat mijn orkest maakt voor bezoekers van een concert. Net zoals een concert, is het maken van een website niet gratis. Verdienen met een website mag.

Bij veel sites (ook deze, dat is het verdienmodel van WordPress dat voor mij gratis is maar wel een bedrijf is) staan rond de tekst advertenties. Sommige flikkeren hinderlijk, maar over het algemeen kijk ik er niet naar. Ik heb er geen last van. Ik kijk ook niet naar advertenties in de krant, ik lees de artikelen. Als met advertenties de krant en wordpress kunnen blijven bestaan en goede diensten verlenen, dan vind ik dat prima.

Ook tekst die linkt naar waar je iets kunt kopen vind ik geen probleem. Ik raad wel eens een boek aan, en dan link ik naar bol.com. Als iemand het boek via die link koopt, verdien ik een grijpstuiver. Mijn bespreking wordt er niet anders door.

Ik heb een hekel aan gesponsorde artikelen, juichverhalen waarvoor betaald is. Die verhalen lijken op artikelen, maar zijn reclame. Je ziet ze ook in tijdschriften: er staat dan boven dat het een advertorial betreft, maar qua opmaak lijkt het een artikel. Ik houd er niet van.

Erger nog zijn pop ups die na een paar seconden over de tekst verschijnen. Die me verleiden om een abonnement te nemen of me aan te melden voor een nieuwsbrief. Irritant, zo snel mogelijk wegklikken die hap.

En waar ik het allermeeste gruwelijk de pest aan heb, is als pijltjes en kruisjes zo slim zijn geplaatst dat ik er per ongeluk op klik terwijl ik gewoon verder wil lezen. Dan voel ik me beet genomen.

 

Advertenties